Voeding voor een oudere hond: wat verandert er aan voer, porties en snacks?
,
door Robin van Leeuwen
Je hond staat zoals iedere ochtend naast zijn voerbak. Alleen gaat alles wat rustiger dan vroeger. De lange wandeling wordt korter en na het eten volgt steeds vaker een dutje. Ook zijn lichaam verandert. Daarom verdient de voeding van een oudere hond opnieuw aandacht.
Een hond heeft vanaf een bepaalde verjaardag niet automatisch ander voer nodig. Kijk vooral naar zijn gewicht, spiermassa, gebit, eetlust en gezondheid. Die signalen vertellen je wanneer het tijd is om zijn voeding aan te passen.
Wanneer is een hond senior?
Dat hangt af van zijn formaat, ras en gezondheid. Grote honden worden meestal eerder senior dan kleine honden. Bij een grote hond kunnen de eerste veranderingen rond het zesde levensjaar zichtbaar worden. Een kleine hond blijft soms tot zijn achtste of negende jaar opvallend fit.
Kijk daarom verder dan leeftijd. Wordt jouw hond rustiger? Verandert zijn gewicht, spiermassa of eetlust? Heeft hij meer moeite met kauwen? Dit zegt meer over zijn voedingsbehoefte dan het getal op zijn verjaardagskaart.
Minder calorieën, maar genoeg voedingsstoffen
Een oudere hond die minder beweegt, heeft vaak minder calorieën nodig. Blijf je dezelfde hoeveelheid voeren, dan kan hij aankomen. Extra gewicht belast zijn gewrichten en maakt bewegen nog zwaarder.
Geef niet zomaar veel minder van zijn huidige voer. Daarmee verlaag je ook de hoeveelheid eiwitten, vitaminen en mineralen. Kies liever een complete voeding die past bij zijn energieverbruik en conditie.
Senior hondenvoer is geen beschermde, vaste samenstelling. De voedingswaarden verschillen per merk. Bekijk daarom altijd het etiket en let op het caloriegehalte, de eiwitbronnen en de aanbevolen portie.
Eiwitten blijven belangrijk voor een oudere hond
Oudere honden verliezen sneller spiermassa. Voldoende goed verteerbare eiwitten helpen om hun spieren te ondersteunen. Een senior hond standaard eiwitarm voeren is daarom geen goed uitgangspunt.
Heeft jouw hond nierproblemen of een andere medische aandoening? Pas het eiwitgehalte dan alleen aan in overleg met de dierenarts. Bij ziekte kan een speciaal dieet nodig zijn.
Houd gewicht én spiermassa in de gaten
Weeg jouw hond regelmatig en voel langs zijn ribben. Bij een gezond gewicht kun je de ribben voelen zonder hard te drukken. Van bovenaf moet een taille zichtbaar blijven.
Kijk ook naar de spieren rond zijn rug en achterpoten. Een hond kan hetzelfde gewicht houden en toch spiermassa verliezen terwijl het vetpercentage stijgt. Merk je zo’n verandering, bespreek dan de voeding en beweging met de dierenarts.
Zo passen snacks in het menu van een senior hond
Snacks leveren ook calorieën. Trek grotere beloningen daarom af van de dagelijkse hoeveelheid voer. Kies kleine porties en breek snacks zo nodig in stukjes.
Heeft jouw hond een gevoelig gebit of moeite met kauwen? Dan zijn zachte hondensnacks prettiger dan harde kluiven. Blijf wel letten op het totaal. Meerdere kleine tussendoortjes kunnen samen een flinke extra maaltijd vormen.
Minder eetlust of moeite met drinken
Een verminderde reuk, gebitsproblemen of misselijkheid kunnen ervoor zorgen dat een oudere hond slechter eet. Maak brokken eventueel vochtig met wat lauwwarm water of verdeel de dagelijkse portie over meerdere kleine maaltijden.
Zorg dat vers drinkwater makkelijk bereikbaar is. Zet bij een groot huis meerdere bakken neer. Drinkt of plast jouw hond plotseling veel meer? Laat hem dan onderzoeken. Dit kan wijzen op een gezondheidsprobleem.
Stap niet automatisch over op seniorvoer zodra jouw hond een bepaalde leeftijd bereikt. Kijk naar zijn gewicht, spieren, activiteit, ontlasting en eetlust. Verander voeding geleidelijk en controleer regelmatig hoe hij erop reageert.